Bureau Waardenburg
Varkensmarkt 9
4101 CK Culemborg
T: 0345 512710
e-mail buwa

Birds and aircraft
U bevindt zich hier:

Vogels, vliegtuigen & vliegveiligheid

Effecten van vogels op vliegverkeer

Aanvaringen tussen vogels en vliegtuigen veroorzaken jaarlijks wereldwijd meer dan 1 miljard euro schade. Ook vinden iedere jaar aanvaringen plaats waarbij de veiligheid van de passagiers duidelijk in het geding is, met soms fatale afloop. Voor de borging van de veiligheid van het vliegverkeer zijn in Nederland wettelijke instrumenten beschikbaar die ondermeer verankerd zijn in de Wet Luchtvaart (oa. Regeling Burgerluchthavens en Militaire Luchthavens (RBML)) en de Flora- en faunawet.

Wij hebben expertise op het gebied van vogels en vliegtuigen. De volgende typen projecten zijn uitgevoerd:

  • onderzoek naar aantal en patroon van voor het vliegverkeer risicovolle bewegingen van vogels;
  • advisering over preventieve maatregelen op een vliegveld of een helihaven ten aanzien van de vliegveiligheid;
  • bepaling van de gevolgen van een ruimtelijke ingreep nabij een vliegveld voor de vliegveiligheid;
  • bepaling van de gevolgen van een ruimtelijke ingreep voor nabij een vliegveld gelegen natuur.

Luchthaven Indelingsbesluit (LIB) en vogels

Eén van de instrumenten voor het garanderen van de veiligheid van het vliegverkeer is het Luchthaven Indelingsbesluit (LIB).  In een LIB is vastgelegd dat binnen een straal van 6 km ondermeer de aanleg van grotere wateren, moerassen en vogelreservaten niet is toegestaan. Deze elementen kunnen onderdeel zijn van een stedenbouwkundig plan, een waterbergingsproject, een natuurontwikkelingsproject. etc. Alleen na verkregen toestemming van het ministeries van V&W en VROM kan van genoemd verbod worden afgeweken. Aan deze instemming dient een 'fauna-effectenonderzoek' ten grondslag te liggen. Hierin worden de volgende onderwerpen aangesneden:

  • het huidige landschap;
  • de huidige vogelbevolking;
  • de huidige vliegbewegingen van vogels op en rond het vliegveld;
  • het toekomstige landschap;
  • de toekomstige vogelbevolking;
  • de verwachte vliegbewegingen van vogels in de toekomst;
  • een vergelijking van de huidige en toekomstige situatie die afsluit met een beoordeling van de toe- of afname van het risico voor de veiligheid van het luchtverkeer.

Effecten van vliegverkeer op vogels

In het thema vliegverkeer en vogels zijn ook de effecten van vliegverkeer op vogels (en andere fauna) van belang. Een effect van vliegverkeer is verstoring. Hierover is veel (internationale) kennis beschikbaar die is samengevat in literatuur reviews. Niet alle onderzoek dat elders in de wereld aan deze twee thema's is uitgevoerd, is direct toepasbaar voor Nederlandse situaties. Daarom wordt ook binnen Nederland rond vliegvelden onderzoek aan beide thema's gedaan. In dit type onderzoek worden waarnemers en/of radar ingezet.

Vliegtuigen op lagere hoogte kunnen een verstorend effect hebben op vogels en andere fauna in het gebied onder het vliegpad. Nu leidt een enkele verstoring niet direct tot het verdwijnen van een dier uit een gebied. Pas bij een bepaalde intensiteit, duur en frequentie van verstoring kunnen vogels of andere fauna het gebied permanent verlaten. De betrokken soort(en) kunnen vervolgens in het betrokken gebied (bijvoorbeeld en Natura 2000-gebied) in aantal achteruitgaan. De doelstellingen voor deze gebieden zouden daardoor in het geding kunnen komen. De bescherming van fauna is geregeld in de Flora- en faunawet (soorten) en Natuurbeschermingswet (gebieden). Uit deze wetten kunnen criteria worden afgeleid om de effecten van verstoring door vliegverkeer te beoordelen. Deze beoordelingen dienen gebaseerd te zijn op een adequate schatting van het effecten.

Wij hebben het instrumentarium om schattingen van effecten van verstoringen door vliegverkeer maken, en deze vervolgens te beoordelen in het licht van wet- en regelgeving. Projecten in dit werkveld zijn uitgevoerd voor Schiphol Amsterdam Airport, Rotterdam Airport, Vliegveld Lelystad, Groningen Airport Eelde, Maastricht Aachen Airport, vliegveld Midden-Zeeland.

Onderzoeksmethodieken vogels en vliegveiligheid 

Vogels benutten voor hun dagelijkse vliegbewegingen vooral de onderste luchtlagen. Tijdens de voor- en najaarstrek benutten ze ook de hogere luchtlagen; vooral voor het overbruggen van grote afstanden. Ogen van onderzoekers (met verrekijker of telescoop) kunnen patronen van vliegende vogels in beeld brengen. Het menselijk oog kent beperkingen vooral in het waarnemen van kleine(re) vogelsoorten op grote afstand of op grote hoogte. Een radar kent deze beperkingen niet. In combinatie met visuele waarnemingen van veldwaarnemers in de onderste luchtlagen kunnen bewegingen van vogels in het verticale en horizontale vlak volledig in beeld worden gebracht. Nadeel is dat een radar geen vogelsoorten herkent, enkel objecten. Bij de identificatie van soorten spelen veldwaarnemers eveneens een belangrijke rol. Een radar is ook een beproefd instrument om bewegingen van vogels in het donker in beeld te brengen. Door Bureau Waardenburg zijn de afgelopen jaren een groot aantal projecten uitgevoerd waarin een combinatie van veldwaarnemer en radar is toegepast, niet alleen op en rond vliegvelden, maar bijvoorbeeld ook in andere kaders zoals in relatie tot de beoordeling van mogelijke effecten van windturbines op vogels. 

Terug naar Effectstudies vogels