Bureau Waardenburg
Varkensmarkt 9
4101 CK Culemborg
T: 0345 512710
e-mail buwa

Distributions of amphibians
U bevindt zich hier:

Kruipers in de polder

We hebben in opdracht van de provincie Zuid-Holland onderzoek verricht naar de verspreiding en habitatvoorkeur van een aantal kruipers in de polders van de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden. Met kruipers worden de soorten grote modderkruiper, kamsalamander, heikikker en rugstreeppad bedoeld. Dit onderzoek is in nauwe samenwerking met de Stichting Landschapbeheer Zuid-Holland uitgevoerd. Deze Stichting heeft op basis van de resultaten en aanbevelingen een aantal proefprojecten uitgevoerd waarbij inrichtingsmaatregelen zijn genomen gericht op de betreffende soorten. Het aantal proefprojecten zal in de toekomst worden uitgebreid.

Kamsalamander
In 2005 zijn inventarisaties uitgevoerd naar de kamsalamander. De verspreiding van deze soort in de Vijfheerenlanden en Alblasserwaard is met name gebonden aan dijken. Het ontbreken van geschikte voortplantingswateren vormt het grootste knelpunt voor deze soort. Met name de afwezigheid van vis speelt een cruciale rol bij de geschiktheid van een water als voortplantingswater voor de kamsalamander. Het aanleggen van voortplantingswateren die niet door vissen gekoloniseerd kunnen worden heeft hier dan ook prioriteit.

Rugstreeppad
In 2004 en 2005 zijn inventarisaties uitgevoerd. Ook is onderzoek uitgevoerd naar de ecologische randvoorwaarden. Het onderzoek is uitgevoerd door 's avonds met goede omstandigheden op roepende dieren te inventariseren. Van de vastgestelde roeplocaties zijn daarna twintig locaties bezocht om de karakteristieken van de voortplantingswateren en in mindere mate van het landhabitat vast te leggen. Deze gegevens zijn gebruikt om het optimale biotoop voor de rugstreeppad in de Vijfheerenlanden en de Alblasserwaard te omschrijven. Vervolgens is nagegaan op welke wijze er verbeteringen ten behoeve van de rugstreeppad in deze gebieden kunnen worden aangebracht. Aanvullend op het onderzoek zijn verspreidingsgegevens verzameld door het plaatsen van oproepen in lokale bladen. Ook zijn gegevens verstrekt door de beide Natuur- en Vogelwachten. Uit de analyse blijkt een correlatie met de bodemtypes. Een ecologische verklaring kon in het kader van het onderzoek echter niet worden gegeven. Het huidige verspreidingsbeeld is grotendeels gelijk aan de verspreiding gebaseerd op oudere gegevens. Het areaal lijkt daarom niet te zijn veranderd. Op basis van de resultaten van het onderzoek naar het voortplantingswater zijn aanbevelingen opgesteld voor verbeteringen van het habitat van de rugstreeppad. Met name beheer van sloten speelt hierin een grote rol.

Heikikker
In 2004 en 2005 zijn inventarisaties uitgevoerd. In 2004 heeft deze inventarisatie zich met name gericht op roepende dieren. In 2005 zijn routes gereden met de auto waarbij dieren op de weg werden gezocht. Doel van de inventarisatie was inzicht te krijgen in de actuele verspreiding van de heikikker en de factoren die deze verspreiding bepalen. Aanvullend op het onderzoek zijn verspreidingsgegevens verzameld door het plaatsen van oproepen in lokale bladen. Ook zijn gegevens verstrekt door de beide Natuur en Vogelwachten. De resultaten leveren het beeld op dat heikikkers voorkomen binnen vrijwel het gehele landelijk gebied. Populatiekernen werden met name aangetroffen binnen en in de directe omgeving van extensief beheerde gebieden zoals natuurterreinen. Hierbij zijn er aanwijzingen dat heikikkers zich de laatste jaren in toenemende mate vanuit het landelijk gebied terugtrekken binnen deze terreinen. Vermoedelijk is dit een indirect gevolg van ruilverkavelingen die een intensiever agrarisch beheer mogelijk hebben gemaakt. Een dergelijke trend is ook waar te nemen bij de flora van beide poldergebieden. Naast de voorkeur voor extensief beheerde gebieden is er ook een voorkeur voor veengebieden. Dit heeft vermoedelijk te maken met de doorgraafbaarheid van de bodem. Herstelmaatregelen voor de heikikker kunnen goed samengaan met die voor flora. Deze dienen gericht te worden op slootrandbeheer, extensivering van het landgebruik en vernatting van percelen.

Grote modderkruiper
Grote modderkruipers zijn geïnventariseerd in 2005 in heel Zuid-Holland. Hierbij werden fuiken geplaatst in 15 kansrijke polders. Daarnaast zijn meldingen van derden verwerkt. Ze komen relatief wijdverbreid maar ogenschijnlijk in lage dichtheden voor binnen Vijfheerenlanden en Alblasserwaard. Daarbuiten komen nog populaties voor in het gebied rondom de Oude Maas. Diverse bronnen wijzen erop dat de soort de laatste jaren achteruit is gegaan en op veel plaatsen is verdwenen. Met name schaalvergroting, waardoor over een grote oppervlakte alle sloten tegelijk worden geschoond, en het intensiever slootbeheer spelen de soort vermoedelijk parten. Er worden maatregelen voorgesteld voorgesteld ten aanzien van slootbeheer en de inrichting van leefgebieden.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Gerard Smit.