Bureau Waardenburg
Varkensmarkt 9
4101 CK Culemborg
T: 0345 512710
e-mail buwa

EU parliament backs plan to prevent the spread of invasive alien species
U bevindt zich hier:

Onderzoek naar stimuleren trilveenvorming door gebruik van biobouwers en vraatbestrijding

Witteveen+Bos, Bureau Waardenburg, ATKB, Universiteit van Amsterdam en het EIS gaan onderzoeken hoe de vorming van trilveen gestimuleerd kan worden door het inbrengen van biobouwers (kenmerkende planten die drijvende wortelmatten vormen en daarmee aan de basis staan van trilveenvorming) en het bestrijden van kreeft- en ganzenvraat. Trilvenen zijn unieke stukjes veennatuur, die voor veel (bedreigde) plant- en diersoorten een noodzakelijke biotoop vormen. Het onderzoek loopt tot eind 2020 en wordt uitgevoerd in opdracht van de Vereniging van Bos- en Natuureigenaren (VBNE).

Waterdrieblad, een biobouwer in het laagveengebied

Laagveengebieden behoren tot de meest soortenrijke landschappen die in Nederland voorkomen, doordat er veel verschillende leefgebieden voorkomen zoals open water met waterplanten, rietlanden en veenbossen. Onder goede condities verlanden wateren met waterplanten tot trilvenen, die zich uiteindelijk doorontwikkelen tot zuurdere rietlanden en bossen. Als er niets gebeurt, komen er binnen enkele decennia echter geen trilvenen meer voor in Nederland, terwijl deze trilvenen heel belangrijk zijn voor zeer veel beschermde en zeldzame flora- en faunasoorten in het Nederlandse laagveengebied. De bestaande trilvenen verdwijnen door veroudering naar zuurdere rietlanden, vermesting, verdroging en atmosferische N-depositie, terwijl nieuwe verlanding niet of nauwelijks op gang komt.

Eerder onderzoek suggereert dat de water- en bodemkwaliteit op veel locaties beter aan het worden is. Het ontbreken van geschikte planten (biobouwers) en de aanwezigheid van grote aantallen kreeften en ganzen wordt dan waarschijnlijk een groot knelpunt voor de ontwikkeling van jonge verlandingsstadia zoals trilvenen. In dit onderzoek voeren de adviesbureaus (model)studies en veldexperimenten uit om trilveenverlanding op landschapsschaal weer op gang te krijgen en grip te krijgen op de factoren die daarvoor van belang zijn.